|

De Vogelsberg is een van de grootste natuurreservaten van Duitsland en een van de gebieden met heel veel neerslag. Per jaar valt er gemiddeld in de Oberwald tussen 700 en 1200 mm/ km² neerslag, tussen 30 en 80 dagen met sneeuw en ca. 180 dagen met mist. Deze 3 faktoren samen met langzaam dooiende sneeuw zorgen voor het behoud van het grondwater van de heuvels resp.maken het vernieuwen van het grondwater mogelijk. Het water uit de Vogelsberg behoort trouwens qua kwaliteit tot de besten in Duitsland.

Het bovenste stroombed van de Nidda.
Het grondwater wordt in de Vogelsberg verzameld in “ravijnen” en “drijvende grondwaterbuizen”. Ze zijn met elkaar verbonden, zodat niemand kan zeggen waar het water vandaan komt als er wordt geboord. De hydrologische verhoudingen zijn ingewikkeld. Bronwater komt uit plaatselijk beperkt grondwater. Een van de grootste bovenwaters in de Hoge Vogelsberg bevindt zich in het heuvelgebied rondom de “ Zeven Esdorens” en de daar in de buurt liggende “ Breungeshainer Heide”. Er ontspringen onder meer Lauter, Brenderwasser, Eisenbach en Ellersbach, Katharinenbach, Gilgbach, Streitbach en Nidda. De eerste vier stromen naar het noorden en leiden hun water via de Weser naar de Noordzee,de volgende drie stromen naar het westen naar de Lahn en naar de Rijn, terwijl de Nidda naar het zuiden stroomt en in de Main mondt. De waterscheiding tussen Rijn en Weser loopt precies door de Vogelsberg en kan ook worden verdeeld in Rijn/Main, Lahn/Rijn, Eder/Weser en Fulda/ Weser. Men kan gemakkelijk begrijpen hoe de waterscheiding verloopt, als men zich op de weg rondom het veen “Breungeshainer Heide” bevindt– de bronnen van de Nidda en die van de Ellersbach zijn slechts 100 m daar vandaan.

Schwarzbach dal.
Alle beken zijn in hun bovenloop in hun oorspronkelijke toestand gebleven. Er zijn veel groepen van kleine dieren en planten rondom de beken en je kunt er zelfs de beekforel aantreffen. Wilgen, elzebomen en een paar populieren dienen als een soort bolwerk tegen overstromingen, verzamelen een grote hoeveelheid aan genetische verscheidenheid en bieden een schuilplaats voor menig levend wezen in de dode bossen aan beide kanten van de beken. Enkele beken hebben een speciale bescherming nodig zoals b.v. het dal van de Nidda en de Hillersbach in het zuidoosten van de Vogelsberg en grotere gedeelten van het Feldatal in het westen.
(Vertaling uit het Duits : Corry WINTER)
|